Marino Keulen | Open VLD Lanaken
Burgemeester Lanaken & Parlementslid Vlaams Parlement

GOESTING IN DE TOEKOMST!
E-mail | Facebook | Twitter | Google+ | Video

maandag 13 november 2017

Persbericht 12-11-2017 : “Op termijn ook gedoofde verlichting mogelijk op bepaalde gewestwegen door een nieuwe lichtvisie”

                         
“Op de snelwegen kennen we het principe al dat er ’s nachts geen verlichting brand en minister Weyts is van plan om dit ook mogelijk te maken op gewestwegen”, stelt Vlaams volksvertegenwoordiger Marino Keulen (Open Vld) vast. Dit blijkt uit een schriftelijke vraag aan de bevoegde minister.
Voor de autosnelwegen bestaat er al sinds 2011 een lichtvisie waarbij de snelwegen opgedeeld zijn in enkele zones: plaatsen waar permanent de verlichting aan is (bv. Antwerpse of Brusselse ring), plaatsen waar er helemaal geen verlichting meer is (bv. E314 tussen Maasmechelen en Lummen) en plaatsen waar er dynamische verlichting is (bv. E313 tussen Lummen en Ranst). “Deze techniek van dimmen en doven wil de minister nu ook naar de gewestwegen brengen. Eind dit jaar komt er een gewestelijke lichtvisie”, aldus Keulen.

De laatste twee tot drie jaar werden alle nieuwe installaties van het gewest wel uitgerust met ledverlichting en een interface om ze dimbaar te maken, maar nog niet elke installatie kan gedimd of gedoofd worden. Wel is het de ambitie van de minister om dit als standaard praktijk uit te rollen. “Op welke plaatsen het licht effectief gedoofd kan worden, dient locatie per locatie bepaald te worden. In het kader van een verantwoord beleid rond lichtvervuiling is het positief dat Vlaanderen hier verder op inzet. Al hoop ik wel dat vanuit het oogpunt sociale veiligheid op de plaatsen waar huizen staan langs gewestwegen en dus mensen wonen de straatverlichting blijft branden”, besluit Marino Keulen.

dinsdag 7 november 2017

Persbericht 05-11-2017 : “Zelfrijdende shuttles in stedelijke centra weldra geen fictie meer?”

Een haalbaarheidsstudie zal moeten aantonen of er zelfrijdende shuttlebusjes vanaf 2020 zullen rondrijden in Genk en Mechelen. Dat blijkt uit het antwoord van Vlaams minister Weyts op een schriftelijke vraag van Vlaams volksvertegenwoordiger Marino Keulen (Open Vld). “Het is positief dat De Lijn open staat voor de vragen van steden en gemeenten om de mogelijkheden rond zelfrijdende shuttles te onderzoeken. Naast de haalbaarheidsstudie zijn ook de juridische obstakels rond zelfrijdende voertuigen op de openbare weg nog een kwestie om verder te onderzoeken”, stelt Keulen vast.
De haalbaarheidsstudie wordt dit en volgend jaar uitgevoerd en zal focussen op verschillende invalshoeken of het mogelijk is een autonome shuttle te laten opereren in stedelijke centra: verkeerstechnisch, infrastructureel, ruimtelijk, financieel,… De steden Genk en Mechelen participeren voor 50% mee en voor elke stad wordt een aparte studie gedaan.
De snelheid van de shuttles is een specifiek punt van onderzoek gelet op het feit dat deze sterk afhankelijk is van de lokale verkeerscomplexiteit. In de meest eenvoudige verkeerssituaties zal de maximale snelheid waarschijnlijk wel hoger liggend dan 20 km/u. De gemiddelde snelheid zal veelal tussen de 10 km/u en 20 km/u liggen.
“De haalbaarheidsstudies zullen moeten uitwijzen op welke manier de zelfrijdende shuttles ingezet worden in het stadsvervoer; als een lus doorheen het centrum of als een pendel tussen een randparking en het centrum. Het is positief dat De Lijn meegaat in deze piste van enkele Vlaamse steden en we op die manier moderne technologieën omarmen. Het is evenwel onduidelijk of dit een aanvulling op het stadsvervoer dan wel een vervanging van bestaande ritten wordt. Dat dient nog verder uitgeklaard te worden”, besluit Marino Keulen.


maandag 6 november 2017

Persbericht 03-11-2017 : “Noodzakelijke update camerabeelden website Vlaams verkeerscentrum zorgt voor betere informatie voor de automobilisten”

 Op de website van het Vlaams verkeerscentrum kan iedereen camerabeelden raadplegen van de autosnelwegen in de regio’s Antwerpen, Brussel en Gent. Zodoende kan elke automobilist voorbereid op pad gaan. Aangezien eind september 9 van de 36 beschikbare camerabeelden tijdelijk niet-beschikbaar waren, vroeg Vlaams volksvertegenwoordiger Marino Keulen (Open Vld) opheldering hierover aan bevoegd minister Weyts. “De minister verklaarde op de hoogte te zijn van de problemen, maar tegen het einde van dit jaar wordt er een nieuw videomanagementsysteem in gebruik genomen en zouden de problemen tot de verleden tijd moeten behoren. Dit blijkt ook te kloppen, want momenteel zijn maar 2 camera’s tijdelijk buiten gebruik”, aldus Keulen.
Het nieuwe videomanagementsysteem spoort sneller problemen op bij niet-beschikbare camerabeelden omdat er niet langer fysische verbindingen gelegd dienen te worden om de analoge beelden op de website weer te geven.

In totaal staan er langs Vlaamse autosnelwegen 1.400 camera’s en bedragen de jaarlijkse onderhoudskosten 1 miljoen euro. Een vervangingsratio hiervoor is niet voorzien, wel poogt men om het aantal defecte camera’s onder de 5% te houden.


“In tijden van verregaande digitalisering dient ook de overheid dit pad te volgen, de update van de camerabeelden op de website van het Vlaams verkeerscentrum is dan ook een logische stap. Het goed informeren van automobilisten is een eerste stap om files te vermijden en de verkeersveiligheid te verhogen”, stelt Marino Keulen vast.

maandag 16 oktober 2017

Persbericht 15-10-2017 : “Procedure Noord-Zuidverbinding als complex project opgestart en het voorkeursbesluit wordt verwacht tegen de zomer van 2019”

 Halverwege september is de nieuwe procedure voor de aanleg van de Noord-Zuidverbinding opgestart en vond een eerste inspraakmoment plaats. Voor het einde van het jaar neemt de Vlaamse Regering een startbeslissing en kan de procedure als complex project een aanvang nemen. Uit een schriftelijke vraag van Vlaams volksvertegenwoordiger Marino Keulen (Open Vld) aan bevoegd minister Schauvliege blijkt dat tegen de zomer van 2019 men het voorkeursbesluit verwacht. “Op dat moment is de onderzoeksfase voorbij en kan men beginnen met de realisatie van het project”, stelt Keulen vast. “Concreet voor de Noord-Zuid betekent dit dat er tegen de zomer van 2019 duidelijkheid is over het tracé en men het projectbesluit kan opstellen met alle flankerende maatregelen in.”
“De realisatie van de Noord-Zuidverbinding kent reeds een lange geschiedenis, met de aanmelding als complex project poogt de Vlaamse Regering de definitieve verwezenlijking ervan te bewerkstelligen”, aldus Marino Keulen. Het decreet complexe projecten kent drie beslissingsmomenten (een startbeslissing, een voorkeursbesluit en een projectbesluit) en heeft als doel grote infrastructuurprojecten te versnellen. Zowel door van in het begin inspraak te voorzien als door integratie van verschillende ruimtelijke en milieutechnische procedures.

“De minister stelt wel dat men pas naar Europa zal trekken van zodra er duidelijkheid is over het voorkeurstracé. Wanneer men ervoor kiest, zoals in het huidige plan, om Natura 2000-gebied te doorkruisen moet men dit melden aan Europa”, vervolgt Keulen.


“Bijgevolg is het moeilijk om een timing te plaatsen op de realisatie van de Noord-Zuidverbinding gelet op een aantal onzekere aspecten. Wel zorgt deze aanpak en de vele inspraakmomenten ervoor dat het draagvlak zo groot mogelijk wordt en Limburg eindelijk zicht heeft op een vlotte doorstroming van de Noord-Zuidas”, besluit Marino Keulen.

donderdag 12 oktober 2017

Belga 11-10-2017 : Vlaanderen waakzaam voor mogelijke impact gereguleerde wietteelt in Nederland


BRUSSEL 11/10 17:23 (BELGA)
Vlaams minister-president Geert Bourgeois heeft contact opgenomen met de Nederlandse ambassade omtrent de passage over de gereguleerde wietteelt in het Nederlandse regeerakkoord. Bourgeois heeft voorts federaal minister van Binnenlandse Zaken Jan Jambon gecontacteerd over het dossier. Aan Vlaamse kant leeft namelijk de vrees voor een mogelijke impact op de drugsgerelateerde criminaliteit in de grensgemeenten.
In het nieuwe Nederlandse regeerakkoord staat dat er een experiment komt met door de overheid gereguleerde teelt van wiet en hasj. Bedoeling is om in een aantal gemeenten te experimenteren met coffeeshops die worden     bevoorraad door telers van wiet die onder overheidstoezicht staan.
Aan Vlaamse kant, met name in de grensgemeenten, is men bezorgd over de mogelijke impact van die Nederlandse plannen. "Wij vrezen nog meer dan vandaag de dag geconfronteerd te worden met illegale cannabisplantages", zegt Marino Keulen (Open Vld), Vlaams parlementslid en burgemeester van Lanaken. "Het criminele milieu in Nederland dreigt inkomsten te verliezen en onze vrees is dat men dat verlies zal willen compenseren aan onze kant van de grens", aldus Keulen. Eenzelfde bekommernis leeft ook bij CD&V-parlementslid en burgemeester van Hoogstraten Tinne Rombouts.
Minister-president Bourgeois heeft intussen zelf contact opgenomen met de ambassadrice van Nederland. Die heeft laten verstaan dat er nog niet uitgemaakt is of het experiment zal plaatsvinden in de grensgemeenten. Als dat wel zo zou zijn, zal dat gebeuren volgens de regels van "goed nabuurschap". "De ambassadrice heeft mij ook verzekerd dat ze in overleg wil gaan met de grensgemeenten en dat het de bedoeling is om te komen tot minder overlast dan in de huidige situatie", aldus Bourgeois.
Omwille van het veiligheids- en criminaliteitsluik in het dossier, heeft minister-president ook contact opgenomen met federaal minister van Binnenlandse Zaken Jan Jambon.
Verder wil Vlaams minister-president Bourgeois "zo snel mogelijk" een gesprek met de Nederlandse minister-president over het Nederlandse regeerakkoord.

donderdag 28 september 2017

Persbericht 27-09-2017 : “Uniforme en herkenbare fietsoversteekplaatsen goed nieuws voor de fietsveiligheid”


In augustus 2017 stelde bevoegd minister voor mobiliteit Weyts de nieuwe lay-out voor de fietsoversteekplaatsen voor. Aan kruispunten zullen veilige fietsoversteekplaatsen gecreëerd worden door het logo van een fiets te voorzien op het asfalt en haaientanden en stippellijnen als markering. “De afgelopen maanden is er in het parlement geregeld discussie over gevoerd aangezien er vandaag verschillende varianten van fietsoversteekplaatsen bestaan. Met deze uniforme lay-out wil de minister duidelijkheid bieden aan de weggebruikers”, aldus Vlaams volksvertegenwoordiger Marino Keulen (Open Vld). “Als antwoord op mijn parlementaire vraag kreeg ik een overzicht van de twintig kruispunten die al eerste aangepakt gaan worden. Het is de bedoeling om op termijn elk kruispunt op deze manier te voorzien van een veilige en herkenbare oversteekplaats.”

De lay-out werd uitgetekend door het Agentschap Wegen en Verkeer (AWV) in overleg en binnen de schoot van het Fietsberaad Vlaanderen. Voornaamste doelstelling was het verhogen van de verkeersveiligheid ter hoogte van fietsoversteken op kruispunten dwars over de voorrang. Daar waar voorheen geen markering of slechts facultatief een fietssuggestiestrook werd voorgeschreven, biedt de nieuwe markering een oplossing voor de onduidelijke fietsgeleiding enerzijds en het beperkte attentieniveau van de afdraaiende auto voor de fietser anderzijds.

“De veiligheid voor de fietser zal vooral verhoogd worden doordat er nu eindelijk een uniform ontwerp bestaat voor fietsoversteekplaatsen aan kruispunten. De eerste van twintig aan te pakken kruispunten is reeds opgeleverd in Brecht (kruising N115 en Kapelstraat en kruising N115 en Krekelbergstraat)”, aldus Keulen. De andere negentien kruispunten vindt u in bijlage 1. Deze worden in de komende maanden aangepakt.

Aangezien het de bedoeling is om vanaf 2018 te komen met een overkoepelend vademecum voor elke weginfrastructuur zodat één geïntegreerde handleiding ontstaat voor elk type weg, komt er geen update van het vademecum fietsvoorzieningen meer. Wel is het de bedoeling dat gemeenten dit type markering ook reeds kunnen toepassen op hun gemeentewegen. Hiervoor brengt de VVSG elke gemeente op de hoogte van deze vernieuwing via hun kanalen. “Het is positief dat er een overkoepelend vademecum voor wegontwerpen komt zodat de wildgroei aan vreemde situaties een halt toegeroepen worden. Het is een eenvoudige manier om op elke weg de verkeersveiligheid aan te pakken. Elke overheid heeft hierin een verantwoordelijkheid”, besluit Marino Keulen.
  
Bijlage 1: overzicht aan te pakken kruispunten

-  Brecht: N115 x Kapelstraat/N115 x Krekelbergstraat (als eerste aangepakt in augustus 2017)
-  Zemst: N1
-  Schilde: N12
-  Heusden-Zolder: N729 x Ubbelstraat/N729 x O.L.Vrouwstraat
-  Hasselt: N2 x Crutzenstraat
-  Tongeren: N79 x E313
-  Tielt: N37 x Egemsesteenweg/N37 x Krommewalstraat/N37xN327/N37xN35
-  Ichtegem: N33 x N306/N33 x N363
-  Oostende:  R31 x N33/N318 x N341/N33 x Steensedijk
-  Jabbeke: N367 x Kerkeweg
-   Brugge: R30 x N376/N374 x Gronddam
-   Lokeren: Complex E17
-   Grimbergen: N202
-   Vilvoorde: N1 x Schaarbeeklei
-   Scherpenheuvel-Zichem: N212

-   Kraainem: R22

woensdag 27 september 2017

Belga 27-09-2017 : 5.923 landbouwers dienden schadedossier in voor zware regenval in 2016.

BRUSSEL 27/09 14:26 (BELGA) 

5.923 landbouwers hebben bij het Vlaams Rampenfonds een dossier ingediend voor de schade die ze leden als gevolg van de zware regenval in de periode van 27 mei tot 26 juni 2016. Het rampenfonds wil de dossier afgehandeld hebben tegen eind 2018. Dat blijkt uit het antwoord van Vlaams minister-president Geert Bourgeois op een schriftelijke vraag van Marino Keulen (Open Vld).
De meeste schadedossiers waren afkomstig uit West-Vlaanderen (1.869), gevolgd door Antwerpen (1.447), Limburg (1.001), Oost-Vlaanderen (919) en Vlaams-brabant (588). 160 fruittelers maakten gebruik van de voorrangsregel om als eerste uitbetaald te worden. Bourgeois had dit in april van dit jaar aangekondigd na gevallen van vorstschade.

Om de toevloed aan rampendossiers te kunnen verwerken kreeg het Vlaams Rampenfonds meer personeel. sinds mei 2017 werken er 20 personeelsleden (17,4 VTE) waarvan 12 dossierbehandelaars (10,8 VTE). 

maandag 25 september 2017

Persbericht 24-09-2017 Politie Lanaken-Maasmechelen


SLIM-ACTIE PZ LANAKEN-MAASMECHELEN 
Op vrijdag 22 september 2017 heeft er van 10u tot 17u - in het kader van de verkeersveiligheid –
een SLIM actie plaats gevonden op het grondgebied van de politiezone Lanaken-Maasmechelen.
Op 2 locaties in Lanaken en Maasmechelen werden voertuigen gecontroleerd.
We willen u graag volgende resultaten meegeven:
-          In totaal werden 192 bestuurders gecontroleerd.
-          Twee bestuurders legden een positieve drugstest af. Hun rijbewijs werd ingetrokken voor de duur van 15 dagen.
-          Twee bestuurders kregen een onmiddellijke inning omwille van het telefoneren terwijl ze aan het rijden waren.
-          Twee bestuurders kregen een onmiddellijke inning omwille van het niet dragen van de gordel.
-          Eén bestuurder kreeg een onmiddellijke inning voor het ontbreken van een kinderzitje.
-          Twee bestuurders kregen een proces-verbaal van waarschuwing voor een voertuig dat niet voldeed aan de technische eisen.
-          Drie bestuurders kregen een proces-verbaal van waarschuwing voor het niet kunnen voorleggen van een bewijs van keuring. 

Persbericht 24-09-2017 : “De Vlaamse spoorinvesteringen zitten muurvast door gesteggel tussen ministers Bellot en Weyts”

Vlaams volksvertegenwoordiger Marino Keulen (Open Vld) heeft een schriftelijke vraag gesteld aan minister Weyts over de voortgang van de spoorinvesteringen en de Vlaamse bijdrage hierin en als antwoord gekregen dat er vooralsnog gesprekken bezig zijn, maar een akkoord (ondanks positieve berichten in de media van 24 juni jl.) nog onbestaande is. Het federale voorstel voor de investering van 368 miljoen euro in Vlaanderen zou niet beantwoorden aan de Vlaamse spoorstrategie van 2013.
“Dit verbaast mij zeer,” aldus Keulen, “aangezien sinds februari 2013 de Vlaamse spoorstrategie vastligt en hierover in het parlement de afgelopen jaren uitvoerig gediscussieerd is zonder dat er essentiële veranderingen aangebracht zijn.”

Het antwoord van minister Weyts luidde letterlijk: “Door federaal minister van Mobiliteit Bellot werd een voorstel tot invulling van de federale investeringsenveloppe van 368 miljoen euro deugdzame schuld bestemd voor de realisatie van alle 11 bij de federale overheid ingediende Vlaamse spoorinvesteringsprojecten uitgewerkt. Daar dit voorstel niet beantwoordde aan de Vlaamse spoorstrategie werd een tegenvoorstel geformuleerd waaromtrent momenteel verdere gesprekken plaatsvinden.” (schriftelijke vraag nr. 1589 van 12 juli 2017)

“Wat betreft de Vlaamse spoorstrategie stel ik mij vooral de vraag: waar staan we nu?”, stelt Marino Keulen vast. “Het Vlaamse tegenvoorstel is niet gekend. Daarom zal ik minister Weyts hierover ondervragen in het parlement wat de Vlaamse eisen zijn.”

“De afgelopen jaren zitten de spoorinvesteringen muurvast doordat de beide bevoegde minister Weyts en Bellot maar niet tot een akkoord komen en daar is de reiziger de dupe van”, besluit Keulen.

donderdag 21 september 2017

Persbericht 20-09-2017 : “Gegarandeerde dienstverlening meer dan ooit noodzakelijk bij De Lijn om de reiziger niet in de kou te laten staan”

                      
Uit cijfers die Vlaams volksvertegenwoordiger Marino Keulen (Open VLD) opvroeg aan bevoegd minister Weyts over de stakingen bij De Lijn van 30 juni tot en met 3 juli blijkt eens te meer dat een vorm van gegarandeerde dienstverlening noodzakelijk is om de reizigers recht op vervoer te bieden. “Tijdens de staking van de drie grote vakbonden bij de Vlaamse vervoersmaatschappij De Lijn, die vier dagen duurde (van vrijdag tot en met maandag), werd vooral de eerste dag goed opgevolgd door de chauffeurs zodat heel wat pendelaars niet op hun bestemming geraakten. Frappant blijft het beeld dat het vooral chauffeurs van De Lijn zelf zijn die staken en minder de chauffeurs die voor de onderaannemers ritten rijden”, stelt Keulen vast. “Het toont eens te meer aan dat het beleid dat de huidige Vlaamse Regering voert, het goede is. In de transitiebeheersovereenkomst is een opening gemaakt om op korte termijn te komen tot een gegarandeerde dienstverlening.”
“Met de staking van 10 oktober 2017 in het achterhoofd, mogelijk doen een heel aantal chauffeurs van De Lijn mee aan deze actiedag, is een gegarandeerde dienstverlening meer dan ooit noodzakelijk”, aldus Marino Keulen. De cijfers tonen weliswaar een aantal regionale verschillen (zie tabel 1 tot en met 5), maar op de vrijdag en de maandag van de staking waren relatief weinig chauffeurs van De Lijn aanwezig.

Medewerkers onderaannemers/pachters van De Lijn staken tot 9 keer minder dan werknemers van De Lijn zelf

Bij de exploitanten (die ongeveer evenveel ritten als De Lijn rijden) is het aandeel niet-gereden ritten vele malen lager (vergelijk tabel 6 en 7). “Elke stakingsdag wordt dit beeld bevestigd. De reiziger heeft daar echter geen boodschap aan en wil op zijn of haar bestemming geraken. Daarom pleiten we als Open Vld voor een minimale dienstverlening en zullen we de bevoegde minister blijven steunen om dit te realiseren”, besluit Keulen. “De cijfers tonen aan dat men bij De Lijn in een overheidsomgeving  vaker geneigd is om te staken en zodoende bijna een heuse stakingsmachine wordt.  Bij de exploitanten in de privé wordt tot 9 keer minder gestaakt door de chauffeurs laten de cijfers van de laatste twee bijgevoegde tabellen zien over het aantal niet gereden ritten.” De Lijn rijdt per werkdag ongeveer 30.000 ritten zelf en hetzelfde aandeel wordt gedaan door de onderaannemers.


Tabel 1: % opkomst De Lijn Antwerpen:  


n[1] voorziene chauffeurs
n niet aanwezige chauffeurs
% aanwezigheid
30 juni
932
737
21%
1 juli
597
422
29%
2 juli
456
214
53%
3 juli
803
629
22%
TOTAAL
2.788
2.002
28%

Tabel 2: % opkomst De Lijn Oost-Vlaanderen:


n voorziene chauffeurs
n niet aanwezige chauffeurs
% aanwezigheid
30 juni
652
384
41%
1 juli
449
264
41%
2 juli
295
102
65%
3 juli
652
371
43%
TOTAAL
2.048
1.121
45%

Tabel 3: % opkomst De Lijn Vlaams-Brabant:


n voorziene chauffeurs
n niet aanwezige chauffeurs

% aanwezigheid
30 juni
623
484
22%
1 juli
279
173
38%
2 juli
173
49
72%
3 juli
617
431
30%
TOTAAL
1.692
1.137
33%

Tabel 4: % opkomst De Lijn Limburg:


n voorziene chauffeurs
n niet aanwezige chauffeurs
% aanwezigheid
30 juni
262
199
24%
1 juli
156
72
54%
2 juli
80
10
88%
3 juli
262
159
39%
TOTAAL
760
440
53%

Tabel 5: % opkomst De Lijn West-Vlaanderen:


n voorziene chauffeurs
n niet aanwezige chauffeurs
% aanwezigheid
30 juni
468
402
14%
1 juli
384
316
18%
2 juli
274
140
49%
3 juli
438
342
22%
TOTAAL
1.564
1.200
24%


Tabel 6: Aantal niet-uitgevoerde ritten De Lijn

n niet gereden ritten  De Lijn
30/jun
1/jul
2/jul
3/jul
De Lijn Antwerpen
5.919
3.812
1.992
5.427
De Lijn Oost-Vlaanderen
2.867
2.291
922
3.201
De Lijn Vlaams- Brabant
2.859
1.260
362
2.566
De Lijn Limburg
1.651
638
70
1.255
De Lijn West-Vlaanderen
3.418
3.084
1.287
3.499
TOTAAL
16.714
11.085
4.633
15.948

Tabel 7: Aantal niet-uitgevoerde ritten exploitanten

n niet gereden ritten exploitanten
30/jun
1/jul
2/jul
3/jul
Exploitanten  Antwerpen
410
119
10
725
Exploitanten Oost-Vlaanderen
231
64
2
142
Exploitanten Vlaams- Brabant
491
158
9
514
Exploitanten Limburg
274
128
5
342
Exploitanten West-Vlaanderen
403
131
0
15
TOTAAL
1.809
600
26
1.738




[1] n=aantal